Bevrijding Dalfsen

De bevrijding van Dalfsen op 13 april 1945 kondigde zich al een paar dagen daarvoor aan. In het buitengebied werd her en der geschoten. Canadese verkenners kwam dicht in de buurt van het dorp. Lemelerveld was op 10 april al bevrijd. In Hoonhorst werden op 12 april nog flinke gevechten geleverd, een dag later trokken de Canadezen op naar Dalfsen. Op die bewuste 13 april heel vroeg werd de Vechtbrug in Dalfsen opgeblazen door het laatste groepje Duitsers, die de brug hadden ondermijnd en vanaf een plek achter de chicoreifabriek de brug lieten springen. Vervolgens verdwenen zij uit het dorp. Sommige Duitsers zouden onder het bloed hebben gezeten.

De ontploffing veroorzaakte enorme schade aan de panden in de buurt van de brug. Het brugwachtershuisje stortte in, ruiten sneuvelden, dakpannen vlogen in het rond, daken werden doorboord en tot op grote afstand kwamen brokstukken neer. Mensen verzamelden zich bij de brug en begonnen spontaan het Wilhelmus te zingen.

Uit Hoonhorst en over de Rechterensedijk  kwamen grote hoeveelheid troepen en voertuigen van de Negende brigade van de derde divisie Light Infantry of Canada (Highland) richting het dorp. Zij konden de brug niet over, maar begonnen met de aanleg van een tijdelijke brug, die al in de loop van de dag gereed kwam. Met een roeibootje werden de eeste Canadezen over gezet. In allerijl werden er een paar schepen gecharterd van de Dalfser schippers Platje, die richting Oudleusen in de Vecht lag, De Graaf en Van der Vegt. Zo werden groepen Canadezen en voertuigen naar de overkant gebracht. Om half negen ’s morgens waren reeds vier compagnieën Highlanders aan de overkant. Via de tijdelijke brug konden alle voertuigen de Vecht oversteken. Ook carriers en tanks. Die trokken naar de Prinsenstraat. Daarbij reden zij de twee grote lindebomen aan het begin van de Prinsenstraat omver. Dalfsen was bevrijd. Meteen werden vlaggen uitgestoken en alles wat aan oranje kleding e.d. beschikbaar was kwam naar buiten.

Leden van de Binnenlandse Strijdkrachten pakten hun wapens en begonnen met het oppakken van NSB’ers. Zij werden verzameld in het gebouw Pniël. Ook NSB-burgemeester Umbgrove werd door twee leden van het verzet aangehouden. Hij werd opgesloten in de toenmalige Landbouwschool. De BS’ers trokken ook naar de buitengebieden om na te gaan of zich ergens Duitsers verscholen hielden. Een aantal Duitsers is toen gevangen genomen.

Terwijl het bevrijde dorp Dalfsen feest ging vieren werd er in de Broekhuizen en op de Hessenweg flink geschoten tussen zich bij de Vecht (waar nu de crossbaan is)  verschanst hebbende Duitsers en Canadese gevechtseenheden die over de Hessenweg en de Vossersteeg naderbij kwamen. Vier boerderijen, twee aan de Broekhuizen en twee aan de Hessenweg, gingen in vlammen op. Lang niet al het vee kon worden gered.

Een paar dagen later was er een schietincident bij Pniël waarbij een meisje van 16 jaar dodelijk werd getroffen.